Jonge violiste oogst grote bewondering


Artikel uit De Twentsche Courant Tubantia van 22-03-2004


ALMELO - Hof 88, zondagmiddag. Koninklijk Symphonie Orkest Cecilia o.l.v. Daan Hillen. M.m.v. Quirine van Hoek, viool. Werken van Dvorak, Bruch en Bizet.

Twee dames in het publiek bladeren het programmaboekje van het Koninklijk Symphonie Orkest Cecilia door. ‘Heb jij wel eens gehoord van een M. Klotz-viool?’, vraagt de een. ‘De soliste, Quirine van Hoek, speelt daar vandaag namelijk op.’
De andere bezoekster schudt haar hoofd. 'Nee, maar ik heb wel eens gehoord van een Stradivariusviool.’
Even later, als de laatste tonen van Bruch’s eerste Concert voor viool en orkest wegsterven en de toehoorders enthousiast overeind springen, zijn ze het erover eens: een M. Klotz kan concurreren met een Stradivarius.
Het optreden van Quirine van Hoek heeft het publiek alles behalve koud gelaten. De mensen blijven maar klappen en het tengere blonde meisje met de viool blijft maar terugkomen.
Al bij het Allegro moderato wekt het verwondering dat in dat frêle figuurtje zo’n kracht steekt. Stoer en trots en met heel veel zelfvertrouwen staat zij op het podium en onderwerpt de muziek aan haar wil.
Slechts haar af en toe naar boven gerichte blikken wekken de indruk dat zij schietgebedjes doet, maar de klank die ze voortbrengt is er een van gestaalde perfectie. En ze moet nog aan het conservatorium beginnen omdat ze pas zeventien jaar is en nog op de middelbare school zit.
Ach, geef haar bij de diploma-uitreiking gelijk het conservatoriumpapiertje erbij, zou ik zeggen.
Niet alleen het optreden van de soliste is trouwens geslaagd. Ook het orkest zelf heeft huiveringwekkend mooie momenten. Hoewel de Tsjechische Suite in D van Dvorak niet erg hoopgevend begint, heeft Cecilia in het vierde deel haar draai gevonden en hoor je dat er visie achter de interpretatie zit. Het programma is mooi samengesteld. Altijd weer interessant om de muziek van tijdgenoten met elkaar te vergelijken.
Het gedeelte na de pauze valt ook zeer in de smaak omdat L'Arlésienne van Bizet niet bepaald vaak wordt uitgevoerd. Afgezien van het Adagietto, dat een beetje in het water valt, is het puur genieten. Het meeslepende ‘Carillon’ wordt zo goed uitgevoerd dat je je ogen maar dicht hoeft te doen en je waant je in de Provence.
De tweede suite eindigt met de Farandole, die Bizet zelf aan een ballet uit Carmen ontleende.
Ook het Koninklijk Symphonie Orkest Cecilia wordt, net als Quirine van Hoek, getracteerd op een langdurige staande ovatie. En terecht. Dirigent Daan Hillen schudt wat extra handjes maar een toegift blijft uit.

Nicolet Steemers


< terug


29.01.2013 - Secretariaat: Cees Laseurstraat 11, 7558 NE Hengelo. Tel.: 074-2772229; secretaris@ksocecilia.nl